Het woord prikkels wordt vaak gebruikt als het over autisme gaat. Maar wat wordt er dan bedoeld met prikkels? Wat doen die prikkels met je? En, wat kun je eraan doen? Daar gaat dit artikel over.

“Autisme is een informatieverwerkingsstoornis. De kern van autisme ligt in de prikkelverwerking in de hersenen. Dat wil zeggen dat zowel cognitieve, emotionele als zintuiglijke informatie anders wordt verwerkt en doorgegeven.” Dit zegt Caroline Schuurman in haar boek ‘Cognitieve gedragstherapie bij autisme’. Deze andere prikkelverwerking heeft als kenmerk dat je bijvoorbeeld moeite hebt met samenhang te zien. Dat je het lastig vindt om meer dan één ding tegelijk te doen. Misschien heb jij wel meer tijd nodig om informatie te verwerken. Of blijf je makkelijk hangen in details en neemt dingen letterlijk. Maar het kan ook zijn dat je juist lange tijd achter elkaar met iets bezig kunt zijn en goed bent in fouten destilleren.

Een van de aspecten van de andere informatieverwerking is hoe je zintuiglijke informatie waarneemt. Dus alles wat je ziet, ruikt, hoort, voelt en proeft. Prikkels komen ook op cognitief en emotioneel vlak binnen maar via je zintuigen neem je veel informatie waar, ook al ben je je daar lang niet altijd van bewust. Je zintuigen zijn altijd aanwezig en aan het werk. We selecteren en interpreteren informatie, koppelen ze aan elkaar waardoor we in staat zijn om er op te reageren.

En dit is precies waar de moeilijkheid zit als je autisme hebt. Peter Vermeulen verteld dit in een filmpje op de site Participate zo: “Mensen met autisme worden vaak overspoeld door prikkels. Als je de context niet kan inschatten komt alles binnen en dan moet je je bijna voorstellen als dat je in felle zonlicht kijkt en tegelijkertijd in een koelkast zit waar het verschrikkelijk koud is, met een broek die knelt en schoenen die knellen en met een koptelefoon op waarop 100 decibel geluid uit komt…” (Onderaan dit artikel vind je de link naar het filmpje.)

Alle informatie die via je zintuigen binnenkomt wordt niet of niet genoeg of juist teveel gefilterd. Informatie komt daardoor heel sterk of juist niet naar binnen. Iemand zonder autisme kan vaak beter selecteren welke informatie belangrijk is en wat niet. Neem bijvoorbeeld het zoemen van de computer, de bladblazer of radio van de buren terwijl je een boek aan het lezen bent dat naar rook ruikt. Belangrijke en onbelangrijke informatie moet gefilterd worden. Lukt dit niet dan kan het je dagelijks leven behoorlijk belemmeren.

Het kan je namelijk zomaar gebeuren dat je door overprikkeling bijna niet meer na kunt denken, dat je je niet meer kunt concentreren. Of je komt ineens niet meer uit je woorden. Misschien raak je wel ernstig gefrustreerd, wil je alleen nog maar slapen of krijg je een woede aanval. Sommige dagen zitten zo vol met indrukken en dan kan het zomaar een paar uur of een paar dagen duren voordat de overprikkeling weer wat afgenomen is.

Wat lastig kan zijn is dat deze gevoeligheid voor prikkels voor de buitenwereld niet zichtbaar is. Hoe kun jij nou last hebben van de radio van de buren, dat hoor je toch amper door de muur. Dat uurtje in de kerk kun je toch wel volhouden, wat is nou een uur.En wat maakt het nou uit dat die tl balk aan het knipperen is, daardoor kun je toch wel werken?

Weet jij voor welke prikkels jij gevoelig bent? Als je dat namelijk weet is het mogelijk om te kijken of, en welke mogelijkheden er zijn, om prikkels te vermijden of er beter mee om te gaan. Bijvoorbeeld door uit de situatie te gaan, meer duidelijkheid te creëren, het probleem proberen op te lossen, te relativeren of hulpmiddelen gebruiken zoals oordopjes of je eigen muziek luisteren.

Bekijk via deze link het hele filmpje van Peter Vermeulen.

Welke ervaringen heb jij hiermee? Ik zou het leuk vinden als je een reactie wilt geven.